Columns

Vakantie

De zomervakantie staat voor de deur. Ongetwijfeld heeft dat maanden geleden, toen driekwart van werkend Nederland zijn reisplannen afrondde en bij de chef het verzoek indiende om een bepaalde periode vrij te krijgen, weer tot het nodige overleg tussen collega’s geleid. Want wie gaat wanneer en hoe lang en mag iemand zich een bepaalde vakantieperiode om wat voor reden dan ook zomaar toe-eigenen?

Dan heb ik het over collega’s met schoolgaande kinderen, die vinden dat zij het eerste recht hebben op vrije dagen in de vakantieperiode. Kinderloze collega’s of anderen die geen schoolgaande kinderen meer hebben, dienen zich aan te passen. Zij zijn tenslotte niet gebonden aan de schoolvakantie en moeten maar een reis buiten deze periode te boeken. Niet zelden leidt dit tot soms tot hoogoplopende discussies.

‘Jij hebt gekozen om geen kinderen te nemen, dus heb je geen recht op vrij in de schoolvakantie’, hoorde ik een collega in een verhitte discussie tegen een ander roepen. Die reageerde met: ‘Jij kunt nooit weten of dit een eigen keuze is, en dan nog. Jij hebt bewust voor kinderen gekozen, dus moet je ook de beperkingen daarvan accepteren’.

Nu bejubel ik zelf de dag dat wij niet meer gebonden waren aan vakanties in de schoolvakantie; doorgaans de drukste en duurste periode. Maar er zijn zat redenen te bedenken waardoor ook kinderloze werknemers en werknemers die geen schoolgaande kinderen hebben in de periode van de schoolvakantie op reis willen. Opa’s en oma’s die met kleinkinderen op vakantie gaan, singles of stellen zonder kinderen die met vrienden met kinderen meegaan, mensen die beroepshalve aan bepaalde periodes gebonden zijn of mensen die afhankelijk van wat de beste periode is om te gaan voor de door hen gekozen bestemming. Dat zou zomaar in de schoolvakantie kunnen vallen.

Iedereen heeft zo zijn wensen. Waar de één liever drie keer per jaar tien dagen gaat, kiest de ander voor een aaneengesloten periode van drie tot vier weken. Vakantiedagen is een wettelijk recht, een vaste vakantieperiode is dat niet. Nu is het natuurlijk zo dat zij vanwege de leerplichtwet gebonden zijn aan de schoolvakanties. Maar neem daarbij ook mee dat een schooljaar herfst-, kerst-, voorjaars-, mei- en zomervakantie kent, wat neerkomt op elf weken vrij. Dat is om en nabij de 77 dagen. Een doorsnee werknemer heeft 20 tot 25 vakantiedagen per jaar, dus een derde van het aantal schoolvakantiedagen. Keuze genoeg dus.

Fijne vakantie allen.

Nol de Vries

0 Shares