Columns

Verkiezingen

Iets wat ik van huis uit heb meegekregen: ga stemmen, gebruik je stemrecht. Het is een onderscheidend onderdeel van de democratie en van de vrije wereld waarin we leven, een zegen. Dat is me ingeprent. En dus stapte ik elke vier jaar – al was het vaker om de twee of drie jaar of zelfs minder – vol goede moed het stembureau binnen om een vakje rood te kleuren. Natuurlijk, als een goed ideologisch burger stemde je als debutant in het Nederlandse kiesstelsel niet dezelfde partij als je ouders. Nee, je koos voor een partij die garant stond voor het verbeteren van de wereld.

Helaas, ik heb de tientallen stembeurten die ik heb gebruikt om mijn zoveel miljoenste stempeltje op het Nederlandse beleid te drukken, nooit een partij gevonden die de wereld ook echt beter maakte. Ook mijn vertrouwen in de politiek, de politici en het beleid – zowel nationaal als lokaal – is regelmatig aan het wankelen gebracht. Onbegrip over het gevoerde beleid. Vraagtekens zetten bij het negeren van adviezen van (ervarings)deskundigen en doof voor goede tegenargumenten toch de andere kant opgaan.

Heb ik dan geen greintje waardering of respect voor onze volksvertegenwoordigers? Best wel, zeker in de huidige tijd. Tussen de dag dat ik voor het eerst dat rode potlood mocht vasthouden en mijn komende gang naar de stembus is er nogal wat veranderd. De kiezer is – door de opkomst van sociale media – grimmiger, harder en vooral gewelddadiger richting politici geworden. Beveiliging van ministers, staatssecretarissen en Kamerleden is eerder regel dan uitzondering. Lokale wethouders en raadsleden hebben het vaak nog zwaarder te verduren. Ik geef het je te doen, beleid voeren in een polariserende, intolerante en egocentrische wereld.

We staan aan de vooravond van nieuwe gemeenteraads- en stadsdeelcommissieverkiezingen. Mijn respect groeit in een gesprek met een jongen als Samuel Oomen, 18 jaar en bereid zich voor anderen in te zetten. ‘Ik kan blijven mekkeren, maar ook actie ondernemen en proberen mee te werken aan verbeteringen’, zei hij. Ik krijg weer hoop van Thijs Uildriks, 31 jaar en vol ambities om de stad leefbaarder en veiliger te maken. Ik heb vertrouwen in raadsleden en commissieleden die vier jaar geleden aan een missie zijn begonnen en bereid zijn door te gaan om die missie af te maken.

Dus daarom, laten we ons stemrecht vooral benutten en vertrouwen schenken aan degenen die we onze stem hebben gegeven. Soms is dat moeilijk. Ik weet het. Je kunt nooit iedereen tevreden stellen.

Maar pak 18 maart dat rode potlood en laat je stem gelden.

Nol de Vries

0 Shares